Miss Mengelmoes Senior en haar vrienden

Oma Hennie en Marokkaanse vriendin

De oma van een vriendin van mij kun je terecht Miss Mengelmoes Senior noemen. Ze heeft nieuwe buurtbewoners van verre oorden met open armen en een kopje thee ontvangen. Mijn vriendin en ik zitten tegenover haar en hoeven amper vragen te stellen. Ze is een verhalenverteller in hart en nieren.

Wat een beetje interesse tonen al niet doet

‘Twaalf jaar terug kwamen de eerste kleurlingen in de straat wonen’, begint oma Hennie. ‘Ze werden niet direct warm onthaald. Het was een jonge man uit Rwanda, genaamd Christopher, met zijn drie kinderen.’

Op een zondag was er een dienst in de kerk en de oudste zoon van Christopher was misdienaar. Hij was pas een jaar of 10 en huilde aan één stuk door. Na de dienst ging oma Hennie naar hem toe. ‘Jongen, wat ben je verdrietig. Wat is er?’, vroeg ze.
‘Mijn moeder was jarig geweest vandaag, maar ze is er niet meer.’ Later hoorde oma Hennie dat zijn moeder in de oorlog in Rwanda was overleden.

‘Kom eens een keertje een kop thee bij ons drinken’, stelde oma Hennie voor. De jongen nam zijn vader en zusjes mee en vanaf dat moment bleven ze elkaar opzoeken. Het Rwandese gezin werd onderdeel van de familie en oma Hennie laat ons enthousiast hordes foto’s van hen zien.

Rwandese buren

Links en midden: Chirstopher en zijn kinderen werden Nederlandse burgers en dat vierden ze met oma Hennie. Rechts: oma Hennie met het kindje van Christopher en zijn nieuwe vrouw.

Mijn Marokkaanse zus

‘En mijn buurvrouw is zo lief. Ik noem haar wel eens mijn Marokkaanse zuster’, gaat oma Hennie verder. ‘Als ik even op de muur klop, dan komt ze kijken of alles goed gaat.’ Oma Hennie staat op, loopt naar de hal en begint op de muur te kloppen. Na een paar seconden wordt er al terug geklopt. Oma Hennie en de buurvrouw blijven even heen en weer kloppen, alsof ze een echte conversatie voeren.

Even later komt de buurvrouw binnen. Ze lijkt het niet erg te vinden dat ze is ‘opgeroepen’, ook al heeft ze thuis visite. Oma Hennie en zij beginnen gelijk te kletsen en te lachen. Iets wat ze heel regelmatig doen onder het genot van een kopje thee.

Onderdak bieden aan medemens

Jaren geleden spotte oma Hennie in de kerk nog een andere, nieuwe buurtbewoner. Het was een Poolse gastarbeider genaamd Vladek. ‘Hij zat daar alleen en ik vroeg na de dienst of hij mee ging om een kopje thee te drinken, en dat deed ie’, zegt oma Hennie.

Hij moest zelf voor onderdak zorgen, maar dat had hij niet. Dus toen vroegen oma Hennie en haar man of hij bij hen kwam wonen. Hij wilde perse niet bij hen in huis, omdat hij geen overlast wilde veroorzaken, dus toen heeft hij een tijdje in hun schuur gewoond. Oma Hennie begint in allerlei laatjes te zoeken naar een foto van Vladek, kamt zelfs de bovenverdieping uit, maar tevergeefs. ‘Het was een klein mannetje,’ zegt ze dan maar.

Oma Hennie en Britt

Oma Hennie en ik

Iedereen heeft wel iets goeds en iets eigenaardigs

‘En ook alle blanke buren zijn lief hoor’, haast oma Hennie zich te zeggen. ‘En de nieuwe Somalische buren zijn van die schatten. Die vliegen voor je.’ Oma Hennie is omringd door vriendelijke en behulpzame mensen, die dankbaar gebruik maken van haar gastvrijheid en wens om mensen erbij te betrekken. Die gastvrijheid heeft oma Hennie tijdens de oorlog van huis uit meegekregen.

‘Je moet het leuke van elkaar opzoeken’, legt oma Hennie uit. ‘Iedereen heeft wel iets goeds en iets eigenaardigs. En durf initiatief te nemen. Knoop een praatje aan en nodig iemand uit voor een kopje thee.’ Ik neem me voor om binnenkort één van mijn, nu nog onbekende, buren te verrassen met een uitnodiging.

Op verzoek van oma Hennie zijn er in deze tekst andere namen gebruikt.

1 antwoord

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *