Navins vader en ik

Nana P., de zelfbenoemde pater familias, komt met gespreide armen op me af. We noemen hem nana, omdat hij een ‘opa’ is aan de moederskant van de familie van mijn Hindoestaanse vriend. Nana P. is een grote man, met een statig uiterlijk en een luide stem. Door zijn joviale en uitbundige gedrag is hij het stralende middelpunt van elk feestje; bruiloft of geen bruiloft.

Maar goed, terug naar het moment. Hij komt tussen de gasten door op ons afgestevend.
‘Haaa beti,’ zegt hij blij en hij omhelst me stevig. Inmiddels weet ik dat hij niet denkt dat ik Beti heet (Britt en Beti, een vergissing is zo gemaakt), maar dat hij me in het Hindoestaans dochter noemt.
‘Palgi nana,’ zeg ik terug en toon daarmee respect voor hem als oudere. Alhoewel het gebruikelijk is om bij het zeggen van ‘palgi’ je handen te vouwen, lukt dat me dit keer niet, aangezien ik al klem zit tussen zijn armen. Zodra ik me heb bevrijd uit zijn omhelzing, maak ik me klaar voor de ‘taaltest’, die hoe dan ook gaat volgen.

En jawel. ‘Ram ram,’ zegt hij en hij kijkt me vol verwachting aan. (= ik groet u)
‘Sita ram,’ antwoord ik, met enige trots. (= ik groet u terug)
Als je bedenkt dat ik al jaren met mijn vriend op Hindoestaanse feestjes kom, begrijp je dat nana P. hiervan niet onder de indruk is.
‘Kaise raihle?’ vraagt hij dan. Benauwd kijk ik van nana P. naar mijn vriend en weer terug. Wat betekende dat ook alweer? De enige persoon die dat soms tegen me zegt is nana P., en dat was alweer maanden geleden.
‘Zeg; het gaat goed,’ spoort hij me aan. Als ik nog niet reageer zegt hij: ‘Bol hum theek bati.’ Hij maakt een handgebaar waaruit ik opmaak dat ik hem moet nazeggen.
‘Bol hum theek bati,’ zeg ik.
‘Nee, nee, BOL HUM THEEK BATI!’
Koortsachtig denk ik na. Zei ik niet precies hetzelfde als hij?
Ik probeer nog eens goed te articuleren. ‘Bol hum theek bati’.

Nana P. schudt zijn hoofd. Er verstrijken nog aantal minuten van frustratie en verwarring en dan komt mijn vriend tussen beide: ‘Britt, ‘bol’ betekent ‘zeg’, dus dat moet je niet zeggen. Jij beveelt hem al de hele tijd in het Hindoestaans om ‘het gaat goed’ te zeggen’.
Aha, dat had ik niet kunnen weten.

‘Oh Briiiiid,’ zegt de vader van mij vriend, die naast ons staat en het gesprek heeft gevolgd. Brid betekent brood in het Hindoestsaans, en elke keer als hij zich dat weer bedenkt, moet hij erg hard lachen. Zoals nu dus. Hij heeft ook de gewoonte om een Hindoestaans woord te blijven herhalen en steeds harder te zeggen, als ik het niet begrijp. Alsof als hij maar hard genoeg schreeuwt, ik ineens doorkrijg wat hij bedoelt (hahaha niet dus).

Maar weer terug naar mijn gesprek met nana P. Hij doet nog een paar pogingen om in het Hindoestaans een conversatie met me te voeren, volhoudend en optimistisch als hij is. Komt dan tot de conclusie dat ik op dat vlak een hopeloos geval ben, lacht me nog maar eens toe en loopt vlug naar het buffet. Ik haal opgelucht adem en neem me voor om voor volgende keer tenminste twee Hindoestaanse zinnen uit m’n hoofd te leren. Daar zal hij versteld van staan!

2 antwoorden
  1. Vj
    Vj zegt:

    Haha, schitterend! Is idd een lastig taal. En al die familie relatie benamingen! Wel handig…..je weet wel gelijk welke familie relatie daarmee bedoeld wordt. Van je vaders kant of moeders kant. Gewoon volhouden.

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *